Voor vader
Pas na je dood las ik terug
wat jij had geschreven
net in het laatste oorlogsjaar
nieuws over jouw leven
Jij vraagt aan
va en zus:
"Kun je schoon goed sturen,
d'oorlog zal lang duren"
Jij in pension in 't ver Den Haag
met heimwee naar de Linge
Door honger had je maar één vraag:
of er appels hingen!
Onverwacht
wordt (soms) gebracht
voedsel dat zij sturen,
d'oorlog zal lang duren
Angst om te worden opgepakt
had echt iedere jongen
melk, vlees en boter zijn heel schaars
krijg j'alleen op bonnen
Niemand krijgt
nog langer gas!
hoe moet men nu nog koken?
Hout zoeken om te stoken.
"Beter een boom dan een mens eraan"
schrijf je naar je vader
Rijen die voor de gaarkeukens staan
winterkou komt nader
En je krijgt
slechts per week
één broodje om te eten
Dat zul je nooit vergeten.
Kleumend rondom een lege haard
in 'n ijskoude kamer
steenkool is een vermogen waard
niet meer te betalen
Na acht uur
verboden op straat!
de lamp dooft na drie uren
Deez' winter zal lang duren.
Elke huiszoeking was je bang
dat je werd gevonden.
Duitse soldaten die in de gang
en bij overvalwagens stonden
Jij verstopt
onder de vloer
hun stappen deden beven
Zo kan geen mens toch leven!
In elke brief lees ik steeds weer:
vrede zal snel komen!
Jij zo verliefd op onze mam
Jullie vol toekomstdromen
Na wat ik weet
over 't oorlogsleed
wens ik j'een huis met (heel) veel fruitbomen
waar j'in geluk zal wonen!
Wim Kuipéri overleed 29 januari 2006