Kijk hen op die foto staan
met hun mooie kleertjes aan,
zusjes in snoezig wit kant,
broertjes in 't zwart, blond haar gekamd.
't Lijkt wel feest maar 't is het niet,
er is juist heel veel verdriet,
straks lopen ze heel gedwee
naar 't weeshuis toe met vader mee.
"Niet huilen", zei grote zus.
Va gaf hen voor 't laatst een kus,
dan knipt men met grote schaar
haar krullen af, kaal, zonder haar.
Ze herinnert nog heel goed,
dat haar eigen jurk uit moet,
ze krijgt weeshuiskleren aan,
ze houdt zich flink, ze laat geen traan.
Elke ochtend hupp'len zij
naar va in de kleermakerij,
zeiden hem dan blij gedag
tot op een dag dat niet meer mag:
weeshuiskind'ren zijn jaloers,
dus ziet ze va, zus en broers
enkel zondagmiddag thuis,
stiekem trekt zus haar weesjurk uit.
Doordeweeks-jurkje is blauw,
zondags zwart, dat wende gauw
want het schortje vond ze mooi;
spierwit, gesteven, in de plooi.
Om zes uur moet je opstaan
en de eetzaal binnengaan,
droog bruin brood met niets erop,
nooit fruit, nooit ei, geen vlees of drop.
Kleine broer wordt dan vier jaar
en men haalt hem weg bij haar,
hij gaat naar de jongensgroep,
ze huilen niet, je weet: het moet.
Vader sterft na een paar jaar,
zondags gaan zij met elkaar
bij een tante op bezoek,
meestal leest zij dan in een boek.
Vrijdag is een fijne dag,
omdat elk kind kiezen mag
na school uit de speelgoedkast,
een wieg met pop die jij dan wast.
Grote meisjes lopen rond,
wat zij heel gezellig vond,
lachen, kletsen, zo ontstaan
vriendschappen, steun, in haar bestaan.
Ieder meisje heeft een taak
in de keuken of schoonmaak
mee te helpen, na schooltijd,
uren stilzitten als je breit...
Later wordt zij assistent,
weet nog hoe ze pudding brengt
's zaterdags naar 't personeel,
altijd is er dan één te veel.
Als j'als kind nooit wordt verwend,
snap je hoe blij je dan bent,
met die pudding, romig, zoet,
het eerste wat ze later doet
met haar pas getrouwde man,
samen roeren in de pan,
pudding koken voor elkaar
dat was geluk voor hem en haar.
En ze blijft een flinke vrouw,
't leven bracht naast vreugd' ook rouw.
Twee kindjes stierven heel klein,
één dochter trouwt een Argentijn.
Alles heeft ze daar gezien.
Hoopte heel lang op weerzien
met haar jongste broer, wie weet
dat zij hem nooit één dag vergeet...