Als eens de stilte is gekomen
familie weg en jij alleen,
dan lijkt de zin jou wel ontnomen
om nog te leven als voor heen
het zicht, het doel ben je soms kwijt,
wie schenkt jou wat vergetelheid?
En zie dan zijn daar toch weer mensen
om jou bezorgd, om jou begaan,
pakken je arm, je hand, je schouder,
zeggen gedag, kijken je aan.
Je ziet hun blik, het is geen droom:
Jij blijft een waardevol persoon.